Meer werken om de krapte op de arbeidsmarkt tegen te gaan

Nog steeds heerst er krapte op de arbeidsmarkt, is de vraag naar personeel hoger dan het aanbod en zal dat voorlopig nog wel blijven. Daarom roepen werkgeversorganisaties werknemers op om meer uren te werken. Moeten deeltijders gewoonweg niet meer werken?

Deeltijdwerkers

Hoe groot is de groep deeltijders eigenlijk? In de afgelopen jaren werkten ruim 4,5 miljoen mensen in deeltijd. Uit de statistieken van het CBS werkt 33% van de mannelijke werknemers werkt minder dan 35 uur per week, tegen 70% van de vrouwelijke werknemers.

Vorig jaar bestond de beroepsbevolking uit 9,3 miljoen werknemers. 48% daarvan werkte in deeltijd. Als we kijken naar een aantal van die beroepen zien we dat 94% van kassamedewerkers voornamelijk in deeltijd werkt. Over het algemeen zijn de meeste deeltijders werkzaam in de dienstverlening, pedagogische beroepen en in de zorg. In de laatste categorie zijn zo’n 91% deeltijdwerkers.

Ook de horeca en de schoonmaakbranche kent veel deeltijders.

 

Krapte tegen gaan

In de afgelopen twee jaar verdubbelde het aantal openstaande vacatures. Eind juni telde in totaal zo’n 467.000 onvervulde functies. Voornamelijk zijn deze vacatures in de handel, zakelijke dienstverlening en de zorg. De horeca wist echter wel veel (deeltijd) functies in te vullen.

Wanneer meer werknemers meer uren zouden werken, kan op korte termijn ervoor worden gezorgd dat de werkdruk beheersbaar blijft. Daarnaast zouden maatschappelijke problemen vanwege personeelstekorten minder kunnen worden, aldus werkgeversorganisaties VNO-NCW, MKB-Nederland en AWVN.

Plannen van het kabinet om de krapte te kunnen aanpakken om deeltijders te stimuleren, bieden op de korte termijn weinig resultaat. Onder meer door de kinderopvang niet meer inkomensafhankelijk te maken, zodat meer werken niet wordt tegen gegaan door stijgende opvangkosten. Daarnaast moeten de belastingdruk en marginale druk omlaag. Het minimumloon zal volgend jaar worden verhoogd met 10 procent, alhoewel slechts 5% van de werknemers het minimumloon verdienen.

De werkgeversorganisaties pleiten daarom voor nieuwe, (wellicht wel) onconventionele oplossingen zoals arbeidsduurverlening.